RONDEVERSLAG | In het blad 'Schaken NL' van de KNSB, nummer 1 2026, beschrijft de Nederlandse topschaakster en Woman International Master (WIM) Anna-Maya Kazarian, wat ze zoal tijdens het laatste Tata Steel Chess Tournament heeft opgemerkt bij haar observaties van de spelers tijdens de partijen. Meer dan zestig op de spelers gerichte camera's maakten het aanbod van bijzonder beeldmateriaal best groot.
'Na een paar dagen', zo schrijft ze, 'ga je de gewoontes van de schakers herkennen'. Twee uur bedenktijd op de klok, zonder extra tijd per zet, voor 40 zetten, zorgde voor enorme stress en blunders in tijdnood. 'Spelers waren onrustig en sommigen begonnen zelfs te stuiteren achter het bord'. We weten allemaal dat je de spanning die je tijdens een partij krijgt op de een of ander manier kwijt moet. Anna-Maya noemt de klassieke voorbeelden zoals het schudden van de benen, het draaien van een geslagen stuk tussen de vingers en het onbewust aan de haren zitten.
Ook zijn er naast de fysieke tics, de gezichtsuitdrukkingen. Bij sommigen is er niets op hun pokerface te lezen, andere fronsen de wenkbrauwen, schudden het hoofd of trekken een gezicht dat pure afschuw verraadt. Sommigen gebruiken hun 'stress' als een wapen. Anna-Maya: 'De sterke Hikaru Nakamura staat erom bekend dat hij met bepaalde reacties alleen maar verwarring probeert te veroorzaken. Je moet dus niet alleen met met je eigen spanning om weten te gaan, maar ook met die van je tegenstander'.
Over mijn eigen observaties bij het Hoogovenstoernooi van 1975 heb ik in 2007 het verhaal 'Walter' geschreven. Het beschrijft wat ik zag tijdens een partij van de Amerikaanse Grootmeester Walter Browne, die door sommigen werd gekarakteriseerd al een 'adrenalinekanon'. Hier volgt een deel van dat verhaal:
Het is daar, dat ik hem voor het eerst zie spelen. Schaakspelen! Of moet ik zeggen, dat ik daar iemand… zie leven? Zelden…, nee nooit, heb ik een zo gepassioneerd schaker in al zijn in zichzelf verzonken extravertheid bezig gezien.
De tweede tafel aan mijn rechterhand. Hij valt me op. Beide spelers zijn zijdelings te zien. Hij heeft een diepzwarte snor en haar van dezelfde diepzwarte kleur. Vrij lang, zoals de meeste haren overigens van de wat jongere schakers in deze tijd. De ellebogen op de tafel geplant alsof ze er absoluut eens doorheen zouden moeten. De handpalmen langs beide wangen, duimen achter de oren en de vingers met kracht in het voorhoofd gedreven. Denkrimpels op en neer woelend, wat overigens ook steeds met de haren op het voorhoofd gebeurt. Onder de tafel bewegen zijn benen rusteloos heen en weer, maar nog vaker vinden ze een ritme dat de tafel doet trillen.
Naarmate de partij vordert en zijn bedenktijd bedenkelijk slinkt, bewegen zijn knieën in razender tempo op en neer. De hakken van de vloer, de tenen gekromd tegen het tapijt gedrukt. Dan volgt zijn moment van beslissing. Dit! Deze zet! Niets anders! Nooit even rechtop zitten om zich dan nog even van de juistheid van een zet te overtuigen en vervolgens in volstrekt zeker weten een kalme zet te doen… Zeker niet! Nee, in tegendeel: Een hand vliegt naar het stuk dat moet worden gezet, zwiept het naar een veld waar het grootste kwaad aangericht zal gaan worden, waarna dezelfde hand een bijna vernietigende klap aan de klok uitdeelt...
Steevast stond hij dan op. Spetterde zijn stoel achteruit en beende in hoog tempo naar de plaats vanwaar hij thee (meestal thee, meen ik me te herinneren) of iets anders te drinken meenam. Dat knalde hij dan naast zich neer. Noteerde dan pas zijn zet en verviel weer in wangwrijven, oorduwen, rimpelgepeins...
Vervolgen we met de partijverslagen van ronde zes, waarin ongetwijfeld ook de nodige spanning en stress diende te worden overwonnen:
Pearl Uyttenhove schreef onder bovenstaande titel zelf het verslag van zijn partij tegen Cor Paans: "Hierbij mijn partijdige karakterisering van mijn treffen met Cor Paans: Met wit offer ik in de opening een pion. Ik krijg meer ruimte en bouw mijn ontwikkelingsvoorsprong uit. Met veel stuurmanskunst houdt Cor de lijnen gesloten. Ik zet druk op de zwarte damevleugel maar Cor houdt stand...
Dan besluit Cor zijn pluspion terug te geven. Daar staat tegenover dat hij de dames weet te ruilen. Het eindspel met voor beide zijden twee torens, een witveldige loper en een paard is iets beter voor mij. Dat wordt nog 30 zetten zwaar werk om deze stelling in een vol punt om te zetten; succes is niet gegarandeerd.
Cor biedt op het juiste moment remise aan en ik druip teleurgesteld af... Ik gaf Cor geen enkele kans om te winnen!" (Pearl Uyttenhove - Cor Paans ½−½)
Bij Fons Claessen, die wit had, en John van Waardenberg kwam 1.d4 e6 2.Lf4 Pf6 op het bord. Na een rustig verlopen opening begon John met 11.f5 en 12.g5 een offensief op de koningsvleugel. Fons ving de aanval in eerste instantie goed op, maar onderschatte later Johns torenverdubbeling op de f-lijn en het feit dat er vanaf a6 een loper op f1 gericht stond. Na het toestaan van inslaan op f2 kwam de definitieve fout. Fons speelde de dame weg van waar ze niet kon worden gemist, waarom mat niet meer te vermijden was. (Fons Claessen - John van Waardenberg 0−1)
De partij tussen witspeler Wim Platje en Dick Korteland begon als een Caro-Kann, maar na 1.e4 c6 2.d4 e5 kwam er toch iets op het bord dat voor zwart niet geheel in orde was. Na 3.dxe5 Da5+ 4.Pc3 Dxe5 5.Pf3 heeft zwart weliswaar zijn pion terug, maar staat wit toch aanmerkelijk beter. Wim verzuimde in het vervolg enkele keren de pion van e4 naar e5 op te spelen, wat heel goed zou zijn geweest, maar hij werd later een handje geholpen door een verdacht loperoffer op h3 van Dick. Wim nam het offer meer op intuïtie dan uit berekening aan. Een daarop volgende fout kostte Dick echter ook nog een paard. Beter een einde met verschrikking dan een verschrikking zonder einde zullen we maar zeggen. (Wim Platje - Dick Korteland 1-0)
Jisk Liemburg accepteerde in het Damegambiet met zwart spelend de pion op c4 in zijn partij tegen Jan Siebelink, een aangenomen damegambiet dus. Met wat meer ruimte voor de witte stukken kwam Jan wat beter te staan, maar voor het tot een echte confrontatie kon komen werden de heren het over een remise eens. (Jan Siebelink - Jisk Liemburg ½-½)
Rob Truijens speelde met wit een lange partij tegen Piet Schuller. In het Siciliaans werd er in de opening rustig ontwikkeld en zwarte bereikte vrij gemakkelijk een goed speelbare stelling. Na dertig zetten liet Piet een grote 'kans' liggen. Hij had kunnen profiteren van het ongedekt staan van de witte dame, maar het vereist bijna grootmeesterschap om te zien hoe daarna tot een winnende stelling te komen. Toch kreeg Piet enige tijd de wat betere stelling, maar hij kreeg er in de vorm van bedenkelijk geslonken bedenktijd een tweede tegenstander bij. Door een onoplettendheid verloor hij een pion en nadat daar door een fout onder druk van de tijd nog het verlies van een loper bij kwam, gaf hij op. Rob: "Zwart kwam in tijdnood. Ik had daar ook wel enige last van, maar ik bleef heel geduldig fouten vermijden." (Rob Truijens - Piet Schuller 1−0)
Ton van der Breggen kwam in het Siciliaans met wit na een aanvankelijk gelijk opgaande partij tegen Conny Komen de wat mindere stelling. Er gloorden moeilijkheden aan de horizon, maar Ton verzette zich kranig en sleepte er uiteindelijk een remise uit. (Ton van der Breggen - Connie Komen ½−½)
De nieuwe ranglijst en een overzicht van de uitslagen vind je via "Intern" ⇒ "Ranglijst".
Alle foto's van deze ronde kun je zien bij "Intern" ⇒ "Foto's".
Reacties zijn altijd welkom. Plaats ze helemaal onderaan bij "Een reactie plaatsen". Je e-mailadres wordt niet zichtbaar bij de publicatie.







