Ronde 6: “Godfried de Fantast” 2


..en den volgende dag vernietigde ik hem in een Slavische partij..
Godfried Bomans. Door Narda Koenen (1905-1974) 1952 Pastel op papier 53 x 64 cm

"Je wordt oud als je bij het schaken buiten adem raakt" (Ed Wynn)

RONDEVERSLAG | Ooit was schaken een spel voor excentrieke, hyper­intelligente zonderlingen die zich hulden in eerbiedwaardige nevelen van sigarenrook. Niemand heeft ze meesterlijker getypeerd dan Godfried Bomans. Ik geef hem dan ook met alle plezier het woord:

 

Uit: Godfried Bomans, ‘De grootmeester’. Opgenomen in: Kopstukken (1947)
 
‘En, meneer Rabilsky,’ zoo vroeg ik hierop, ‘hoe denkt u zich het verloop van den wedstrijd in?’ Daar de grootmeester geruimen tijd over het antwoord nadacht, had ik gelegenheid, het vertrek nauwkeurig op te nemen. In aanmerking genomen wie hier woonde, kon men het eenvoudig noemen. Een biezen herdersmat dekte den vloer. Links, bij den krachtigen, ontwikkelden vleugel, stonden twee leunstoelen in een dreigend naar voren geschoven positie. Een daarvan was met een zijden koord afgesloten: de sage ging dat de groote Lasker hierin een kop thee gedronken had. In den anderen zat mevrouw Rabilsky met een poes op haar schoot. Geen zuiver ras, dat zag ik, maar toch: een opmerkelijke variant. Onder een glazen stolp stond de pion die destijds, in het toernooi van Bagdad, den opmarsch der witte troepen had gestuit. Rabilsky zelf zat tegenover mij in een lederen fauteuil en had zijn beenen met geniale achteloosheid voor zich op tafel gelegd.‘Ik denk alle partijen te winnen,’ antwoordde hij ten slotte. Ik kon mijn verrassing niet verhelen. Ook mevrouw Rabilsky keek op. ‘Alle, meester?’ vroeg zij eerbiedig. ‘Alle, mijn kind,’ hernam Rabilsky, ‘ik ben naar Londen gekomen om te winnen, niet om te verliezen.’ Tegen deze zienswijze was weinig aan te merken.

‘Denkt u ook Dr. Euwe te verslaan?’ ‘Neen. Ik zal hem verpletteren.’ Rabilsky had deze woorden rustig en duidelijk uitgesproken. Slechts een flikkering in ’s meesters rechteroog verried den ernst van den toestand. Ik merkte op dat de kat met den staart tusschen de beenen het vertrek verliet. ‘Ik zal u eens wat zeggen,’ hernam Rabilsky, zich vooroverbuigend,‘ ik heb een nieuwe variant. Wil je even de kamer uitgaan, Anna?’ Mevrouw Rabilsky raapte haar breipennen bijeen en vertrok. De grootmeester keek omzichtig rond, boog zich toen andermaal naar mij over en fluisterde: Pf6-e4.’

Ik verbleekte. Dit was meer dan geniaal. Dit was bovenmenschelijk. ‘Gij begrijpt de gevolgen,’ hernam Rabilsky, in zijn stoel terugvallend ‘de rechtervleugel wordt opgerold, de paarden verliezen hun bezinning, de beide raadsheeren worden teruggeworpen, terwijl de Koningin..’

‘Enorm,’ fluisterde ik. ‘Onderbreek mij niet,’ zeide Rabilsky, terwijl een lichte wolk van toorn over zijn gelaat trok, ‘de Koningin wordt gekraakt tusschen e4 en g5. Hierop zal er onder de pionnen een paniek uitbreken, nog vergroot door Lf4-h6. Natuurlijk zullen de kasteelen toesnellen, doch tegen h5 machteloos te pletter loopen.’

‘Maar zouden Euwe’s paarden deze charge niet voorzien?’ vroeg ik hijgend analyseerend. De grootmeester lachte hartelijk. ‘Mijn waarde vriend,’ sprak hij, ‘denk eens aan Ta4-b4!’ Ik bloosde. ‘Is er nog meer, meester?’ vroeg ik schuchter. ‘Er is nog meer,’ antwoordde Rabilsky, zijn beenen in een gunstiger positie leggend, ‘maar ik beschouw u daarvoor als te suf.’

‘Is deze zet nooit eerder toegepast?’ ‘Neen,’ antwoordde Rabilsky met vaste stem, ‘wel geeft de 32ste zet in de partij Andersen-Steinitz, op 12 October 1880, een vermoeden in die richting, doch ook niet meer dan dat. Ook de partij Goethe-Eckermann doet er een oogenblik aan denken, doch wijkt ten slotte niet van de gebruikelijke sjablones af. Jammer, jammer, zij zagen Pb7-c5 over het hoofd.’

Plotseling versomberde het gelaat van den grootmeester. Zijn blik volgend, zag ik links van zijn stoel een schaakbord, met volledige opstelling. Ik moest erkennen dat de stelling ingewikkeld was. Zij vertoonde sporen van eenmaal een open en rondborstig Konings-gambiet geweest te zijn in den degelijken Franschen stijl van 1880, doch was gaandeweg door Slavische elementen jammerlijk vertroebeld. Rabilsky wuifde met de hand en strekte zich in een gemakkelijke remise-houding uit. ‘Ik ben tot uw beschikking,’ zei hij eenvoudig.

‘Meester, hoe kwaamt ge tot de beoefening van het schaakspel?’ ‘Door den parketvloer van mijn vader. Op de ruiten hiervan bouwde ik mijn eerste theoriën.’

‘Hoe oud waart ge toen?’ ‘Ik denk den luiers nauwelijks ontwassen,’ sprak Rabilsky nadenkend, ‘drie, vier jaar denk ik. Toen ik vijf was, speelde ik mijn eerste partij met het buurjongetje, Frederik van Swieten.’

‘U won natuurlijk?’ ‘Neen,’ antwoordde de meester, en in zijn stem trilde de spijt nog na, ‘ik verloor. Bij toeval raakte ik toren b2 aan. En u weet: aanraken is zetten.’

“En toen, meester?’ “Toen?’ De gastheer concentreerde zich even. “Toen versloeg ik mijn oom Ferdinand Rabilsky, scheepskapitein met vrachtdienst op Riga. Het was een geweigerd damegambiet, ik zie het nog voor me. Hij kon het niet gelooven. Den volgende dag vernietigde ik hem in een Slavische partij. Hij is toen aan het zwerven gegaan op de Stille Zuidzee. Men heeft nooit meer van hem gehoord. Hierna volgde een periode van inkeer. Ik bestudeerde de methoden der Mongoolse meesters en maakte zelfs een studiereis naar Tibet. Ook Perzië bezocht ik, waar ik enkele Perzische varianten ter plaatsen bezichtigde. Maar het verveelt mij met u te praten. U kunt gaan.’

Nu naar de wedstrijdverslagen, waarin ik het, á la Bomans, met de werkelijkheid niet zo nauw zal nemen. Fantasie en realiteit lopen gebroederlijk door elkaar.

Max Euwe (l) - Godfried Bomans

Max Euwe (l) - Godfried Bomans

 

Landgenoten?

 
Mik de letters van zijn naam, 'Jisk Liemburg', in de wordblender en je krijgt, zoals beschreven in het verslag van de eerste ronde: "Met de baard tussen de stenen", 'Jurg Embilski'. Aan de naam te zien moet Embilski wel uit hetzelfde land afkomstig zijn als 'Rabilski', maar in tegenstelling tot zijn illustere landgenoot is hij (nog) geen grootmeester. Zijn partij, die van Jisk dus, tegen Naomi Snikkers, verliep volgens Jisk desastreus. En inderdaad vertoonde de slotstelling van de als een Siciliaan begonnen partij sporen van wat een open en rondborstig Konings-gambiet geweest leek te zijn in den degelijken Franschen stijl van 1880. Jisk had het in de opening en het vroege middenspel goed onder controle en kon met 17. Pd5 in het voordeel komen. Hij koos echter voor 17. Pe2 en werd vervolgens op de koningsvleugel door oprukkende pionnen weggedrukt. Zoveel naderende onweersbuien wachtte Jisk echter wijselijk niet af.

Tabitha Snikkers speelde in een Slavische partij met wit Piet Schuller van het bord. Piet: "Ik verloor binnen de kortste keren, na zestien zetten al was het mat". Tabitha moest bij deze partij denken, zo vertelde ze me na afloop, aan die keer dat ze haar oom Godfried Snikkers, scheepskapitein met vrachtdienst op Appingedam en Wildervank, versloeg. "Het was een geweigerd damegambiet, ik zie het nog voor me. Hij kon het niet gelooven. Den volgende dag vernietigde ik hem in een Slavische partij". Iets dichter bij de werkelijkheid is waarschijnlijk dat het een Semi-Slavische opening was, waarin Piet goed uit de opening kwam maar vervolgens op de koningsvleugel toestond dat de h-lijn open ging. Dat leidde tot het verlies van een paard op straffe van mat. Piet redde echter wel het paard maar niet het mat.

Goede zaken derhalve voor 'De Zusjes' die nu gezusterlijk de eerste twee plaatsen bezetten.
Tabitha Snikkers en Johan Went 15-10-2019 (Foto: Naomi Snikkers)

Tabitha Snikkers en Johan Went 15-10-2019

 

Geniaal achteloos

 
Johan Went had zijn beenen met geniale achteloosheid voor zich op tafel gelegd en ging er met de witte stukken tegen Cor Paans eens goed voor zitten. In een Benoni offerde Cor een pion, maar kreeg daar niet de compensatie voor die hij gedacht hd. Toen een tweede pion verloren ging en Johan maar liefst twee vrijpionnen kreeg waren die in een toreneindspel uiteindelijk niet meer te stoppen. Johan bezet nu de derde plaats in het klassement.

Willem Weerdesteijn had wit tegen Pearl Uyttenhove. Pearl, die de methoden der Mongoolse meesters heeft bestudeerd en zelfs een studiereis naar Tibet maakte, kwam een pion - een dubbelpion weliswaar - voor, maar dat weerhield hem er niet van om die voorsprong om te zetten in winst. Willem had er wellicht beter aan gedaan om beide torens in het eindspel op het bord te houden.

Cor Paans (l) en Piet Schuller 15-10-2019 (Foto: Naomi Snikkers)

Cor Paans (l) en Piet Schuller 15-10-2019

 

Schaak dus niet mat

 
De langste partij van de avond was die tussen Rob Truijens en Erik Brok, die met zwart speelde. Het werd een driepaardenspel, waarin Erik een pion en de kwaliteit voor kwam. Rob verdedigde zich met hand en tand en boog de achterstand om tot een eindspel met een gelijk aantal pionnen. Hij sloeg namelijk een pion met zijn loper en gaf tegelijkertijd schaak. Erik moest de loper wel nemen, waarna Rob de toren van Erik eraf kon meppen. Erik deed dat echter in eerste instantie niet en zette Rob mat met zijn dame. De regels staan dat echter meestal niet toe als je zelf al schaak staat. "Is deze zet ooit eerder toegepast?", vroeg ik Erik achteraf. "Neen," antwoordde Brok toen met vaste stem, "wel geeft de 32ste zet in de partij Andersen-Steinitz, op 12 October 1880, een vermoeden in die richting." Het pionneneindspel dat resteerde werd door de gunstiger uitgangspositie van de zwarte koning tenslotte na vele zetten toch gewonnen door Erik.

Rob Truijens 15-20-2019 15-10-2019 (Foto: Naomi Snikkers)

Rob Truijens 15-10-2019

 

Techniek en beleving

 
John van Waardenberg, ook wel anagrammatisch aangeduid als Jan van Woerdenbargh, was een gewaarschuwd man. Dick Korteland sloot zijn laatste optreden in de voorjaarscompetitie tegen hem immers af met winst. Zie: Ronde 15: "Het einde van de competentie". Net als toen een Siciliaan, maar nu met John achter de witte stukken. Vooraf had hij mij toegevoegd: "Ik ben naar Trinitatis gekomen om te winnen, niet om te verliezen!" John had wat initiatief vanuit de opening. Dick leek een gevaarlijke aanval op de koningsvleugel in te zetten met twee paarden, maar die werd door John eenvoudig afgeslagen. Na de opening was volgens het computeroordeel de stand volkomen gelijk, maar toen John Dick teveel speelruimte op de koningsvleugel toestond en zijn dame misplaatste met 26. De2 was er plotseling geen houden meer aan.

Koos van Dalen, die als kind reeds op de ruiten van de parketvloer van zijn vader thuis zijn eerste schaaktheorieën bouwde, gaf al op de derde zet pardoes een pion weg. Toen er later ook nog een stuk en twee pionnen bijkwamen was de partij, die in mat eindigde, snel gespeeld. "Dan ben je toch teveel met de technische dingen bezig en dan gaat het toch fout", aldus Koos na afloop, hetgeen Rob Truijens op de tafel ernaast de opmerking ontlokte: "Het gaat niet om de techniek, maar om de beleving...."

John van Waardenberg 15-10-2019 (Foto: Naomi Snikkers)

John van Waardenberg 15-10-2019

 

Bovenmenschelijk

 
Paul de Roos en Ton van der Breggen speelden een genoeglijke Ponziani waarvan ik het verloop helaas niet heb kunnen reconstrueren uit de notatie. Ik heb een van de toeschouwers van de partij later wel horen zeggen: "Dit was meer dan geniaal. Dit was bovenmenschelijk." Paul won.

Voor de partij werd aan Wim Platje gevraagd om een beetje aardig te zijn voor Gijs van Willigen. "Vorige week ging hij tegen mij nogal snel mat." Dat wilde Wim wel doen, maar Gijs gaf daar gezien zijn spel geen enkele aanleiding toe. Je hoorde hem telkens weer zachtjes mompelen: "Ik zal hem verpletteren." en af en toe verried een flikkering in Gijs' rechteroog 'den ernst van den toestand'. In een Pirc had Wim wel voortdurend een licht initiatief. Door een foutje van Gijs veroverde hij een pion en toen Gijs even later een paard en-prise liet staan was het pleit snel beslecht.

Gijs van Willigen (l) en Wim Platje 15-10-2019 (Foto: Naomi Snikkers)

Gijs van Willigen (l) en Wim Platje 15-10-2019


De nieuwe ranglijst en een overzicht van de uitslagen vind je via "Intern" ⇒ "Ranglijst".
Alle foto's van deze ronde kun je zien bij "Intern" ⇒ "Foto's".
Reacties zijn altijd welkom. Plaats ze helemaal onderaan bij "Een reactie plaatsen". Je e-mailadres wordt niet zichtbaar bij de publicatie.

© Wim Platje 16-10-2019 13:21

Sponsors van deze ronde:

NN - Speler van De Willige Dame die onbekend wenst te blijven

Erik Brok - Speler van De Willige Dame



Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

2 gedachten over “
Ronde 6: “Godfried de Fantast””

  • Hans

    Hallo Wim,

    Wederom hartelijke dank voor je geweldige commentaren.
    Ja, Godfried Bomans, wat was hij geniaal!!
    Heel leuk om dit weer mee te krijgen.

    Met hartelijke groet,
    Hans

    • Wim Platje Bericht auteur

      Dag Hans,

      Dank je voor de complimenten, Hans. Stimuleert altijd om er mee door te gaan.
      Ja, ik ben ook nog steeds een groot fan van Bomans. Hij komt vast nog wel eens een keer in beeld. 🙂

      Met vriendelijke groeten,
      Wim