J.A. Kunnen – C.J.R. Sammelius  B15
Kampioenschap van Rotterdam 1960

Vlagsma/Fr8/tvb

 

Lees ook: Joop Kunnen: Herinneringen van een topschakers uit de RSB historie

meer (schaak)nieuws op www.tomsschaakboeken.nl

 

 

   

Deze partijanalyse is de letterlijke tekst van de schaakrubriek van Chr. Vlagsma  “Voor de schakers”  in het Rotterdams Nieuwsblad van 18 juni 1960.

Diagrammen en enkele aantekeningen zijn door mij toegevoegd.

Het knipsel bevindt zich in het archief van de witspeler.

De partij is ook  LIVE  of in PGN na te spelen.

tvb

 

 

TACTISCHE SLAGVAARDIGHEID WAS OOK TROEF IN HET ROTTERDAMSE KAMPIOENSCHAP

Brachten wij de vorige week een tactische schaakprestatie van een "goedwillende amateur", zoals deze grootste groep van geestdriftige beoefenaren indertijd door minister Cals werd gekwalificeerd, namelijk een oude partij van een onzer lezers, ditmaal willen wij op dit gebied een ander, recenter voorbeeld geven.

Wij hebben daarbij het oog laten vallen op het jongste kampioenschap van Rotterdam, in welk toernooi Jongsma en Kunnen met71/2 punt uit 9 partijen op de eerste plaats eindigden. Dankzij het verfoeilijke, doch nog steeds toegepaste systeem Sonnenborn-Berger kwam de titel bij Jongsma terecht, wat wel sneu was voor Kunnen die tot de voorlaatste ronde de beste kansen op de titel had. Gedreven door een schuldgevoel (uw redacteur vergooide in deze voorlaatste ronde een gladde winststelling tegen Jongsma waardoor deze nog juist op de eindstreep met Kunnen gelijk kon komen) willen wij hier een plaatsje inruimen voor een tactische prestatie van de niet-kampioen Kunnen, die overigens in dit toernooi opviel door geraffineerd en slagvaardig schaakspelen. Wij ontlenen deze partij aan het clubblad van Kunnen (en dat van uw redacteur), het enige maandblad ter wereld - aldus de redactie - dat om de twee maanden verschijnt.

1. e4 Sinds de match Botwinnik-Tal mag de Caro-Kann zich in een grote populariteit verheugen. In vrijwel alle wedstrijden van de laatste tijd ziet men deze opening, welke merkwaardig genoeg nooit populair is geweest, toegepast. Ook in het Rotterdamse kampioenschap verscheen zij in elke ronde minstens eenmaal op het bord.

1. ... c6 2.d4 d5 3.Pc3 dxe4 4.Pxe4 Pf6
Botwinnik zette tegen Tal steeds voort met 4...Lf5 5.Pg3 Lg6 enz. De tekstzet staat als minder sterk te boek, omdat hij wit in de meeste varianten vrijer spel verschaft.

5. Pg3
Het meest consequent is 5.Pxf6+, waarmee zwart in ieder geval een dubbelpion verkrijgt. In de praktijk is evenwel gebleken, dat zwart na 5...gxf6 6.c3 Lf5 7.Pe2 h5! toch uitstekende kansen op tegenspel behoudt. Vooral Donner, die een fijn kenner van deze variant is, heeft aangetoond hoe men dit soort stellingen moet aanpakken. Met 5. Pg3 wordt minder hoog gegrepen, maar is vermoedelijk toch doelmatiger dan 5. Pxf6+.

5. ... e6?
Door Lc8 zonder noodzaak in te sluiten, krijgt wit het gemakkelijker. Beter was 5...e5! 6.Pf3 exd4 7.Pxd4 Le7 8.Le2 0-0 9.0-0 en wit staat goed maar ook niet veel meer.

6. Pf3 c5
Diagram 1


Stelling na 6. … c5

 

7. Lb5+

Eenvoudiger was 7.Ld3 Pc6 8.dxc5! Lxc5 9.a3 0-0 10.0-0 b6 11.b4 Le7 12.Lb2 (Spielmann-Hönlinger) en wit heeft fraaie aanvalskansen. Dit bleek trouwens uit de geciteerde partij, welke wij hier volledig overnemen:

12. ... Dc7 13.b5 Pa5 14.Pe5 Lb7 15.Pg4 Dd8 16.Pe3! Pd5? 17.Dh5! g6 18.Pg4 Lf6 19.Pxf6+ Pxf6 20.Dh6! (20.De5? Dd5)

20. ... Tc8 21.Tad1 De7 22.Tfe1 Pe8 23.Pf5! Dc5 24.Te5! Ld5 25.Pe7+!! Dxe7 26.Dxh7+ Kxh7 27.Th5+ Kg8 28.Th8#

Dit is echt grootmeesterwerk, maar Spielmann kon er in zijn goede tijd wel wat van.......

 

7. ... Ld7 8.Lxd7+ Pbxd7 9.0-0 Dc7 10.b3 Le7 11.Lb2 0-0

Beide partijen hebben rustig hun ontwikkeling voltooid. Wit staat iets vrijer en kan op grond daarvan berstrekkende plannen beramen.

 

12. c4 cxd4

Dit had geen haast. Wit moet vroeg of laat toch dxc5 spelen om de diagonaal voor Lb2 te openen. Beter was direct 12...Tad8 13.De2 Tfe8, etc.

 

13. Pxd4 a6 14.De2 Pc5 15.Tfe1 Tfe8 16.Pf3 Tad8 17.Pe5

Diagram 2

Stelling na 17. Pe5
 

Verhindert 17. ... Pd3 en handhaaft tevens de druk tegen de zwarte stelling. Nog steeds heeft zwart met kleine moeilijkheden te kampen en deze dwingen hem zijn doelen niet te hoog te stellen. Voorlopig had hij zich moeten bepalen tot voorzichtige ruiltransacties om enige verlichting van de druk na te streven. Hiertoe was bv. 17. ... Ld6 ( 18. b4?, Pce4!) geschikt geweest. Zwart meent echter al te optimistisch reeds voldoende tegenspel te hebben en komt daardoor spoedig in onoverkomelijke moeilijkheden.

 

17. ... Da5

Dreigt weliswaar 16. ... Td2 doch deze dreiging is gemakkelijk te pareren.

 

18. Df3 Td6

Nu 18...Td2 niet gaat wegens 19.Lc3 bereidt zwart verdubbeling langs de d-lijn voor om met Pd3 toch tot resultaten te komen. Deze boze voornemens doorkruist wit echter met een kansrijk pionoffer, dat verschillende tactische wendingen inhoudt.

 

19. b4 Dxb4 20.La3 Da5 21.Ph5 Ted8

Diagram 3

Stelling na 21. … Ted8
 

Consequent doch hoogst onvoorzichtig. Met 21...Tdd8 had zwart betere kansen gehad de moeilijkheden de baas te worden omdat daarmede de beveiliging van de zwarte stelling wordt nagestreefd. De tekstzet laat enkele stukken ongedekt en dit moet vroeg of laat narigheden geven.

 

22. De3!

Sluw gespeeld. Met het linkeroog kijkt de witte dame naar Pc5 doch met het rechteroog wordt veld g5 (met matdreiging op g7) geobserveerd. Zwart heeft overigens weinig keus.

 

22. ... Td4?

Het vraagteken en de volgende variant zijn van Fr8; het blijkt dat

22. ... Td4 een ernstige fout is. Kunnen slaat onmiddellijk toe.

Veel beter dan de partijzet is

22. ... Pfe4! 23.Df4

(23.f3? Lg5 24.f4 Lh4 Dreigt Lf2+)

23. ... f5 24.Lxc5 (24.Lb2? Td2) 24...Lg5! 25.Df3 Pxc5 (tvb)

 

23. Dg5 Pxh5 24.Dxe7 Dxa3 25.Dxf7+ Kh8 26.Dxh5

Diagram 4

Stelling na 26. Dxh5
 

De eerste felle slagwisseling is ten einde en wit heeft zijn geofferde pion met voordeel terug. Bovendien heeft wit uitstekende aanvalskansen behouden.

 

26. ... Kg8?

Zwart moest uiteraard iets doen tegen de dreiging 27. Pf7+ enz., doch de gekozen zet is ontoereikend. Het enige was nog

 

1) 26...Ta8, waarna wit met 27.Pf7+

27...Kg8 28.Pg5 h6 29.Df7+ Kh8 30.Pxe6 enz. het betere spel houdt, doch zwart niet geheel kansloos laat.

We laten de varianten waarin Vlagsma aantoont dat Ta8 de enige zet is boven andere torenzetten op de 8ste rij hier achterwege. tvb

(Fritz 8 geeft op 26. ... Ta8: 27.Pg6+! Kg8 28.Pe7+ Kf8

(28...Kh8 29.Te3 Td3 30.Te5 Dreigt mat in 2 zetten met 31. Dxh7+ enz. 30...h6 31.Txc5)

29.Dxh7 Tg4 30.h3 Tg5 31.Pg6+ en zwart verliest de kwaliteit. (tvb)

 

2) Ook 26...Pd3 verliest wegens 27.Pf7+ Kg8 28.Pxd8 Pxe1

Fritz 8: 28...Txd8 29.Txe6 is ook een kansloze missie. tvb

29.Df7+ Kh8 30.De8+ en mat.

 

27. Te3!

Diagram 5

Stelling na 27. Te3
 

Met snode bedoelingen, welke zwart (in tijdnood) ontgaan.

 

27. ... Da4

Het enige was nog met 27...Td3 de kwaliteit te geven, doch dit had het einde vertraagd, niet verhinderd.

 

28. Df7+ Kh8 29.Pg6+

Zwart geeft het op; 29. ... hxg6 30. Th3 mat is onvermijdelijk.

 

Chr. Vlagsma

 

www.tomsschaakboeken.nl

S