eerdere columns van Bert den Boer


meer schaak- en ander nieuws op

www.tomsschaakboeken.nl

 

 

 

Let’s face it

 

Aan sommige zaken in het leven wil ik niet wennen. Nog steeds als ik telefonisch te horen krijg: ´Om u beter van dienst te zijn, maken we gebruik van een keuzemenu´, bekruipt me de behoefte om te reageren op die blikkerige voorgeprogrammeerde vriendelijk bedoelde maar afstand oproepende stem: ´Als u me beter van dienst wilt zijn, geef me dan iemand van vlees en bloed aan de lijn. Iemand die begripvol naar me luistert, die moeite voor me wil doen, die als iets niet kan mij vriendelijk uitlegt waarom dat zo is.´ En als het druk is wil ik best even wachten. Geef me een jukebox keuzemenu en ik vermaak me prima. Waarom bestaat een dergelijke service nog niet? Het lijkt me heerlijk om tijdens het wachten naar een zelfgekozen favoriet muziekstuk te luisteren. Het lijkt me plezant - in België is een actie gestart om het oprukkende woord leuk te stoppen - om als klant het bedrijf te laten wachten: ´Als Loudon Wainwright III - of een andere muzikant - klaar is heb ik tijd voor u.´ Een keuzemenu beschouw ik niet als een verworvenheid van deze tijd, maar als het gegeven dat de technologische mogelijkheden met ons op de loop zijn gegaan.

Zo dreigt de menselijke maat ook verloren te gaan als ik de reorganisatieplannen van het UWV goed begrijp. Natuurlijk zijn er genoeg werklozen in staat om digitaal met hun UWV-adviseur te communiceren. Maar om nou gesprekken van mens tot mens af te schaffen en van het UWV een digitaal loket te maken, dat gaat mij toch te ver. Natuurlijk kan die club minder bureaucratisch werken. Vanzelfsprekend kunnen re-integratiebudgetten effectiever worden ingezet, allemaal waar. Maar toch. Als je werkloos bent en je hebt behoefte aan ondersteuning, dan lijkt het mij niet meer dan normaal dat je de mogelijkheid tot echt contact wordt aangeboden.
       Ik beveel ieder de film The social network aan, over de oprichter van Facebook, omdat daarin juist het thema contact meeslepend wordt belicht. In het Dordtse filmhuis ging aan de film een lezing vooraf, die mij een déjà vu bezorgde. Tijdens mijn sociologiestudie volgde ik ooit een avondcollege, waarbij de betreffende hoogleraar daarvoor een rijkelijk in alcohol gedoopte receptie had bezocht. Een sociologisch experiment over sociaal wenselijk gedrag voltrok zich: wie blijft er zitten bij een betoog waar je geen touw aan vast kunt knopen? In de bioscoop voltrok zich hetzelfde. De inleider op de film worstelde zich door een onnavolgbaar filosofisch betoog, gelardeerd met regelmatige versprekingen en verkeerd gelegde klemtonen. Tot zijn verrassing stelde niemand een vraag. Mijn gemeenschapszin won het van mijn essentiële zelf - de enige termen uit zijn doorwrochte verhaal die bleven hangen - waardoor ik meeklapte met het beleefdheidsapplaus.
Om op te gaan in een film, die laat zien dat het leven niet zonder slag of stoot verloopt. Dat klopte dan weer wel met zijn verhaal…

 

  Bert den Boer

 

 

 

www.tomsschaakboeken.nl