eerdere columns van Bert den Boer


meer schaak- en ander nieuws op

www.tomsschaakboeken.nl

 

 

 

Cirkelen

 

Mensen die mijn schrijfsels regelmatig lezen, kennen mij als liefhebber van paradoxen. Ik raak er steeds meer van overtuigd dat het de kunst is om te leren gaan met de inherente tegenstellingen van paradoxen. Kent u de paradox van de verhevenheid? Rijke mensen geven heel veel geld uit, juist om te laten merken dat geld ze niet interesseert. De paradox in de sport is willen winnen, maar daar niet mee bezig zijn. Bettine Vriesekoop verwoordt dat in Leef je verlangen als volgt: ´Je moet vrij zijn om te kunnen winnen. Topsport is een metafoor voor het leven. Als je maar één keer aan het resultaat denkt, lukt het dus niet. Dan haal je nooit het beste uit jezelf. Hoe vaak heb ik niet gedacht: ik sta met 15-7 voor en ga deze wedstrijd winnen! Op dat moment ging het dus mis. Je moet echt in het moment zijn en dat niet aan alles verbinden.´ Ik moest aan dat interview met haar terugdenken door wat ik hoorde over de aanpak van sportpsycholoog Rico Schuijers. Hij begeleidde de gouden waterpolosters en de gouden hockeysters voorafgaand aan de Olympische spelen. Hij werkt met cirkels.

 

Cirkel 1: ik ben mijn taak, ik denk een bal vooruit, eerst vangen, dan pas gooien.
Cirkel 2 zijn de zaken aan de buitenkant, scheidsrechters, publiek.
Cirkel 3: de ´behoort te zijn´ vergelijking. Je vergelijkt de misser met hoe de bal behoorde te zijn. Perfectionisten gaan daar kapot aan.
Cirkel 4 is denken aan winnen en verliezen, kijken naar het scorebord.

Cirkel 5 is piekeren over de gevolgen van winnen of verliezen. Als ik win, word ik Olympisch kampioen. Daaraan denken is niet handig.

En cirkel 6 is: bezig zijn met de zingevingvraag (Wat doe ik hier?), dan ben je weg.

 

Iedere sporter snapt vrij snel dat hij in cirkel 1 moet blijven. Volgens mij kun je zijn aanpak  moeiteloos doortrekken naar je persoonlijk leven. Zoals Bettine aangeeft: topsport is een metafoor voor het leven. Buiten de sport heb je ook te maken met een cirkel 1: ´Ik ben mijn taak´ kun je vertalen in het antwoord op de vraag welke betekenis je wilt geven: welk spoor wil je trekken. Cirkel 2: de invloed van de omgeving, jouw publiek. Krijg en neem je de ruimte om dat te doen waar je in gelooft. In onze huidige maatschappij is de verleiding groot om alle mogelijkheden open te houden en je niet te beperken. Er dient gesnoeid te worden, willen de werkelijke mogelijkheden vrijkomen.
Cirkel 3: welke verwachtingen stel je aan jezelf. Mag het ook een ons je minder? Gedreven loslaten. Meer met minder. Cirkel 4: evalueren is een kwestie van het goede moment kiezen en zeker niet elke handeling en vooral niet elke dag be(ver?)oordelen in relatie tot het gekozen spoor. Neem de tijd. Cirkel 5: wat als… De meeste tijd verspillen we vaak met denken over wat mis ging (het verleden) en over dat wat mis kan gaan (de toekomst). Cirkel 6: Op identiteitsniveau kun je twijfelen over je eigen invulling van cirkel 1, herdefiniëring kan altijd. Als je blijft rondcirkelen, kun je last krijgen van vicieuze cirkels.

 

Bert den Boer

 

www.tomsschaakboeken.nl