|
het Zeeuwse te water meer
(schaak)nieuws op www.tomsschaakboeken.nl |
|
|
|
30.01.12 Voor de
Willige Dame 1 staat op zaterdag 11 februari de verste uitwedstrijd ooit op
het programma. Vanuit Dordrecht zal per auto en trein de reis worden gemaakt
naar het eigen clubgebouw van schaakclub Souburg.
De vereniging behoort tot de meest toonaangevende clubs in Zeeland en is nog
in de race voor promotie naar de tweede klasse. Souburg,
Middelburg, Vlissingen, Sas van Gent, Goes zijn bekende namen in de Zeeuwse
schaakwereld. De clubs zijn gewend verre reizen te maken. Voor de
Willige Dame is het een primeur. Een aantal spelers debuteerde eerder met een
verre reis in Dordtse dienst. Het
is inmiddels een kwart eeuw geleden, in het seizoen 1986-1987, dat Groothoofd
1 mocht debuteren in de derde klasse UIT tegen Middelburg. Het team nam
de trein naar Middelburg. De voorzitter kwam als fan om één uur de
speelzaal in. Hij trof enkele spelers in verwarring aan voor de deur.
Het verhaal was niet direct te volgen. Wat
was voorgevallen tussen NS-station en oude stad van Middelburg? Bij
het passeren van het kanaal door Walcheren, via een draaibrug, had een speler
een hoffelijk sprongetje gemaakt over de reling. Het leek leuk te zijn. Hij
dacht op vaste grond terecht te komen. Dat
was niet het geval. De
rest van het team wist eerst niet wat er nu precies was voorgevallen. Je
rekent niet op water en de schaaksport. De schakers keken vol verbazing over
de brugreling. Wat zagen zij? Hun teamgenoot stond er in het water rechtop,
hoffelijk en zonder geluid te maken. Het leek op een geslaagde afsprong bij
turnen. De
schaker was ook niet kopje onder gegaan, maar wel aardig nat. Joop
de Jong en Pierre Smeets waren de senioren. Zij besloten hem op te trekken
aan zijn uitgestoken armen. De speler schuurde toen tegen de brug aan en zei
volgens de overlevering: ,,Jullie maken me vuil.” Humor
komt vaak waar je het niet verwacht. Het
team besloot in looppas naar de speelzaal te gaan tussen markt en kerk van
Middelburg om de natte speler geen kou te laten vatten. In de speelzaal
zeiden de Middelburger nog nooit natte tegenstand gehad te hebben. Voordat
de humor de overhand kreeg, werd leiding gegeven. De natte speler werd van
het toilet gehaald. De
teamleider en de voorzitter verzochten de zeven droge spelers aan de
wedstrijd te beginnen. De voorzitter nam de achtste speler, nat maar
uiterlijk in vrolijke vorm, meer naar buiten. Hij ging in de loopbaan, met de
speler in een kalm tempo. Om de hoek van de speelzaal was de
winkel/wandelstraat van Middelburg. Een nat spoor over de straat markeerde
het (schaak) pad op de drukke zaterdagmiddag. De
voorzitter besloot de speler op eigen kosten maar in droge nieuwe kleren te
steken De speler betaalde dat, door natte briefjes uit zijn overhemd te
halen. Het was een stapeltje, dat werd open gevouwen om uiteindelijke
enkele honderden guldens te kunnen neertellen. Voor
het winkelend personeel, dat vol aandacht was, bleken dat allemaal wettige
betaalmiddelen te zijn. Er werd snel gewerkt en de keuze viel bijvoorbeeld op
een rode trui. De voorzitter probeerde de vaart er in te houden, maar
de speler nam even de tijd om zijn kleding te keuren. Na
enige tijd werd de tocht terug naar de speelzaal droog en snel
ondernomen De
wedstrijd was al in volle gang. Inmiddels had de hoffelijke speler wel een
half uur achterstand op de klok, maar dat deerde hem niet op weg naar het
volle punt. Hij kwam soms op toernooien ook te laat om rustig naar zijn bord
te kunnen lopen zonder overbodige gesprekken. Groothoofd
debuteerde in Middelburg met forse cijfers in de derde klasse KNSB en pakte
uiteindelijk ook de promotie mee naar de tweede klasse. De natte speler liet
later horen, dat zijn moeder hem bij thuiskomst had gecomplimenteerd met de
goede, vrolijke kleding keuze. ,,Wat spontaan dat je nieuwe kleren hebt
gekocht na zoveel tijd.” Zijn moeder ontdekte pas later de zak met
natte kleren.
De schaker hield zijn eigen humor. ,,Je hebt alleen twee rechtersokken voor me gekocht”, zei hij nog met een glimlach tegen de voorzitter op de volgende clubavond. De rode trui had hij aan en die zou hem nog lang sieren als symbool van een herinnering aan een natte schaker in de Zeeuwse hoofdstad, die uiteindelijk kalm en droogjes won. hb |
|
|