|
- Fischer
versus Deep Blue (Ton Delemarre ) meer schaak- en
andernieuws op www.tomsschaakboeken.nl |
|
19.01.08 20.01.08 update met boekenlijst
en krantenkoppen van 12 aug. 1972.
AD, zaterdag 15-02-1957 De naam van Bobby Fischer kwam ik
voor het eerst tegen in een krantenartikel met een kop in de trant van
“13-jarige combineert grootmeester van het bord.” (de krant hierboven is van
een jaar later) Het slachtoffer in de beroemde partij
was Donald Byrne, New York, 1956. Vanaf dat moment tot en met de
Spassky-match was ik door Fischer gefascineerd. Niet lang daarna brak Spasski door in
het toernooi te Boekarest in 1953. Een leeftijdgenoot, dat sprak me aan. Ook
Spasski volgde ik van toernooi tot toernooi, zijn ups en downs en zijn
prachtige ‘comeback’ vanaf 1963. Maar Fischer overtrof allen.
Teletekst, laat staan internet, bestond nog niet, dus moest ik het voor de
actualiteit hebben van de krant of de radio. Fischer deed mee aan het vierde
prachtige Kandidatentoernooi, dat in Joegoslavië in 1959. De baas moet gek
van me zijn geworden, want het eerste wat ik deed wanneer ik op kantoor kwam
was het AD zoeken – de baas had er een -
las de uitslagen en tikte dat in een toernooitabel dat in mijn la lag.
Elke dag hoopte ik dat het beter met hem ging. Er waren successen maar in de
race voor uitdager kwam Fischer niet. Al in 1961 had hij voor een opkikker
gezorgd door de Russen in Bled, 1961, een lesje te leren, een prestatie die
de schaakrubrieken in die dagen dankbaar tot onderwerp namen. Later hoopte ik op zijn komst naar
Amsterdam, voor het interzonaaltoernooi in Amsterdam 1964. Het werd een
juweel van een toernooi en ik zag de helden voor het eerst in levende lijve -
Spassky speelde die dag tegen Evans – maar Fischer deed niet mee en ik heb
hem ook later nooit live meegemaakt. Dat werd ruimschoots gecompenseerd
door de pers die zeker vanaf 1970 Fischer voluit in beeld had. Alles wat je je maar kon voorstellen
en hopen werd door Fischer ten slotte overtroffen. Zijn triomftocht begon in 1970
tijdens de wedstrijd van de USSR tegen de Rest van de Wereld. Zich
inschikkend voor Larsen, speelde hij aan het tweede bord en hoe. Hij won de
eerste twee partijen van Petrosyan en vervolgens de hele minimatch, met de
cijfers 3-1. Wat genoten we van zijn overwinning door in een Caro-Kann 1.e4, c6 2. d4, d5 verder te gaan met
3. e4xd5, c6xd5 en 4. Ld3.
Petrosyan werd van het bord gespeeld. Dan het Interzonaal Toernooi, 1970,
in Palma de Mallorca Fischer wint met een straatlengte
voorsprong, 3½ punt meer dan de nummers 2/4 Larsen, Geller en Hübner. Hij geldt als de grote favoriet in de
Kandidatenmatches. Maar dat hij met twee keer met 6-0 weet te winnen van
Taimanov en Larsen heeft niemand kunnen voorspellen, zijn tegenstanders al
helemaal niet. Nee, Fischer wil niet alleen winnen, hij wil vermorzelen. Dat
is gelukt, Taimanow noch Larsen zijn van deze klap ooit helemaal hersteld.
Met de match tegen Petrosyan betreedt
Fischer het wereldtoneel. Fischer is voorpaginanieuws geworden. De NRC zet na
de winst van Fischer een foto van de match in Buenos Aires frontaal op pagina
een. De eerste partij gaat naar Fischer en
is volgens velen de beste van de match. Maar Petrosyan stopt Fischers
triomftocht door diens ononderbroken
reeks van 19 winstpartijen af te breken met een sensationele overwinning. Dan volgen enkele zwaarbevochten
remises maar in de zesde partij slaat Fischer weer toe en hij laat Petrosyan
vervolgens kansloos: 6½-2½. Ik ben het eens met Timman die
gisteravond op TV deze match hoger inschat dan de WK-match zelf. Deze overwinning op de vrijwel
onverslaanbare Petrosyan vormde voor mij het hoogtepunt van Fischers kunnen. De titelmatch tegen Spassky is
overbekend. Iedere zichzelf respecterende grootmeester heeft er wel een
boekje aan gewijd. Het Euwe/Timman-boek is een
diepgaande studie terwijl veel andere journalistieke gelegenheidsuitgaven
zijn.
Volkskrant zaterdag 12-08-1972 De match leefde wel. Ik herinner mij nog een zonnige
zaterdag in het zwembad van Zevenhuizen toen we met vrienden languit in het
gras lagen, de Volkskrant bij het diagram opengeslagen, en de stelling van de
afgebroken dertiende partij en het vervolg bespraken. Prachtig eindspel. De koppen van de kranten na deze
partij op zaterdagmorgen 12 augustus: Rotterdamsch Nieuwsblad, Tim Krabbé: Spassky verspeelt titel definitief, maar: JUWEEL VAN EEN PARTIJ Volkskrant, Bert Enklaar: Spasski vergooit toch nog remise. FISCHER IS VRIJWEL ZEKER VAN TITEL Algemeen Dagblad, Haje Kramer (?): Ondenkbaar dat Spasski titel zal
kunnen behouden FISCHER WINT HEROISCH GEVECHT Stand nu 8-5 in voordeel van
Amerikaan NRC Handelsblad, Constant Orbaan: EINDSPELPRESTATIE VAN FISCHER
FENOMENAAL En nu is Fischer overleden. Hij was
allang geen idool meer, maar zijn partijen en de herinnering aan zijn
schitterende schaakcarrière blijven bestaan. Is
Morphy nu de Fischer van de 19de eeuw, of is Fischer de Morphy van
de 20ste eeuw? Het is een even onzinnige vraag als “Wie is de
beste schaker aller tijden.”
Das Schachphänomen Robert
Fischer, Haje Kramer e.a., ten Have, 1966 Fischer, Krabbé, Münninghoff, Timman, Arbeiderspers, 1972 How Fischer plays
chess, Levy, Fischer Partije, Sahovsky, 1993 744 Партии Бобби Фишера 2, Golubjew e.a., Roleg Ltd, 1993 On my great predecessors Part 4, Kasparow, Everyman, 2004 Bobby Fischer rediscovered, Andrew Soltis, Batsford, 2004 Tom van Bokhoven De afbeeldingen
komen uit mijn schaakplakboeken. |
|
|