|
|
|
|
|
Jan Eijkelboom noemde het stuk van Hermans in een interview voor de
locale Dordtse televisie ‘karaktermoord.’ Dat bleek uiteindelijk allerminst
uit het dagboek. Buddingh’ doet het daar voorkomen alsof de aanval van
Hermans hem weinig deed. Hoewel Buddingh’s dagboek geschreven werd met het
vooropgezette doel om de aantekeningen te publiceren en de auteur niet iemand
was om met zijn allerdiepste gedachten te koop te lopen, ben ik geneigd hem
te geloven. In die tijd speelde Buddingh’ voor het schaakteam van de
stichting Bobby Kinghe, waar Han van Gorkom en ik eveneens deel van
uitmaakten. De avond na de publicatie van Hermans artikel speelden we een
wedstrijd. Aan Buddingh’ was weinig te merken. Desgevraagd zei hij ons dat
Hermans zijn werk kennelijk nauwkeuriger las dan hij dat van Hermans.
Aangezien Buddingh’ slecht tegen kritiek kon en daar soms tamelijk
irrationeel op kon reageren, wat bijvoorbeeld bleek uit zijn ridicule
optreden in de zogenaamde Hollands Diep-affaire, had het voor de hand gelegen
dat hij nog steeds geëmotioneerd zou zijn geweest als hij veel waarde aan
Hermans zijn geziek en gehoon zou hebben gehecht. Ik ben geneigd Buddingh’s
inzinking eerder te wijten aan de herinneringen aan zijn sanatoriumtijd, die
in die periode begonnen op te spelen. Hij verwijst daar in zijn
dagboeknotities ook wel naar. Meer zekerheid over een en ander zouden we
misschien kunnen krijgen als eindelijk de biografie van Buddingh’, waar nu al
jaren op wordt gewacht, eens zou verschijnen. Op een goede dag in 2004 verscheen echter bij uitgeverij Liverse een
boekje van Buddingh’ onder de titel Bij wijze van spreken, ook
bezorgd door Huijser. Het bevat een aantal miniaturen die Buddingh’ ooit
schreef, maar nooit publiceerde. Verstandig, want het zijn op zijn best
vingeroefeningetjes te noemen, bedoeld om de pols los te schrijven. Eigenlijk
is het een draak van een boekje, dat voornamelijk snippers uit Buddingh’s
prullenbak bevat. Waar blijft die biografie? dacht ik toen een bevriend
dichter mij een exemplaar cadeau gaf. Een tijd geleden deed Huijser een
boekje het licht zien dat, volgens de uitnodiging voor de presentatie, die ik
in de prullenbak heb gegooid onder de kreet ‘het is genoeg geweest,’ alles
bevatte (of in ieder geval veel, ik wil het kwijt zijn) dat Buddingh’ zou
hebben geschreven over voetbal. Geweldig, was mijn eerste gedachte, nu zullen
er binnenkort ook wel boekjes komen waarin alles (of veel, wie zal het
zeggen) staat wat Buddingh’ ooit schreef over schaken, en over cricket, over
tweedehandsboekwinkeltjes in Engeland, over Ierse whisky, over sigaren
enzovoort enzovoort. Buitengewoon aardig: prima, prima, maar ondertussen
zitten we wel te wachten op een boek dat ons weer eens echt wat over
Buddingh’ gaat mededelen. De biografie dus. Ik zou zo langzamerhand wel eens
willen weten wanneer die komt. Kom op Wim, schrijf nu eindelijk eens dat boek, daarna mag je wat mij
betreft alle prullenbakken die er van Buddingh’ nog zijn op je gemak
uitvlooien. Zie ook kees-klok.blogspot |
|
|